direct naar inhoud van Artikel 3 Natuur
Plan: Herinrichting Zandwetering nabij Diepenveen
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0150.P228-OH01

Artikel 3 Natuur

3.1 Bestemmingsomschrijving


De voor 'Natuur' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. behoud, herstel en ontwikkeling van natuur- en landschapswaarden;

met daaraan ondergeschikt:

  • b. extensieve dagrecreatie;
  • c. water;
  • d. waterhuishoudkundige voorzieningen;
  • e. waterbergingsvoorzieningen;
  • f. groenvoorzieningen;
  • g. bruggen;
  • h. paden.

3.2 Bouwregels


Voor het bouwen gelden de volgende regels:

  • a. op deze gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering

van overkappingen, ten dienste van de bestemming worden gebouwd, waaronder begrepen kleinschalige dagrecreatieve voorzieningen, kunstwerken en kunstobjecten;

  • b. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste 4 m.
3.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden
3.3.1 Vergunningplicht

Het is verboden op of in de gronden met de bestemming Natuur zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, voor zover geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren:

  • a. egaliseren, ophogen, afgraven, grondwerkzaamheden dieper dan 40 cm (zoals diepploegen) en ontginnen;
  • b. graven en dempen van sloten, afdammen, herprofileren van sloten of ander oppervlaktewater,
  • c. aanleggen van drainage, uitgezonderd het vervangen van bestaande drainage;
  • d. het verwijderen, kappen of rooien van bomen of andere opgaande beplanting:
  • e. de aanleg van verhardingen groter dan 50 m² (zoals verharde wandel- of fietspaden en kavelpaden;
  • f. het aanbrengen van ondergrondse leidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur.
3.3.2 Uitzonderingen


Het verbod van lid 3.3.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die:

  • a. normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming betreffen;
  • b. ontwikkeling, beheer en onderhoud van de waterbergende functie betreffen;
  • c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan;
3.3.3 Toepassingsvoorwaarden


De werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 3.3.1 zijn slechts toelaatbaar, indien daardoor de natuur- en landschapswaarden niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast.